Mythe: incassobureau rekent extra kosten aan de consument

Op 18 januari 2017 deelde John Crombez, voorzitter SP.A, het Nederlandse artikel “Schuldenaren opgelicht door deurwaardersbedrijf BSR” op Facebook met het bijschrift: “ … het failliete incassobureau BSR heeft jarenlang duizenden mensen opgelicht …”.
14 maart 2017 verscheen in Humo een artikel met als titel: “Een openstaande factuur wordt in dit land al gauw tien of twintig keer duurder – allemaal werkingskosten voor gerechtsdeurwaarders, advocaten en incassobureaus”.

Dit zijn slechts twee voorbeelden van foutieve berichten verschenen in de media gedurende de voorbije maanden. De verwarring tussen een gerechtsdeurwaarder en een incassobureau in het kader van het aanrekenen van bijkomende kosten aan een consument blijft, helaas.
Een Belgisch incassobureau mag wettelijk gezien aan de consumenten, bovenop de hoofdsom, énkel de intresten en kosten vragen die vermeld staan in de algemene verkoopsvoorwaarden van de schuldeiser. Er worden dus geen werkingskosten of kosten voor het incassobureau aan de consument aangerekend. Dit echter in tegenstelling tot een gerechtsdeurwaarder die deze wel aanrekent.

Het tumult rond de extra kosten van incassobureaus is dus perceptie, gebaseerd op foute informatie.
Een vooroordeel dat Vesting Finance dan ook zal blijven weerleggen.